“Goedemorgen meneer, ik heb hier een ontbijtje voor je. Twee croissants en een lekkere bak warme koffie”.
Even denk ik dat je niet reageert. Je ligt verscholen en uit de wind in de inham van een appartementencomplex. Toen ik vanmorgen op de heenweg mijn moeder naar de dagopvang bracht en erlangs liep, viel je me niet eens op.
Toen ik terugliep zag ik je liggen. Je lag verscholen achter een rij fietsen, met je hoofd ingerold in je capuchon en opgetrokken op je zij om warm te blijven.
Ik liep door en zoals ik altijd in zo’n situatie denk, dacht ik ook nu weer dat ik je iets te eten en drinken zou moeten brengen. Ik schaam me ervoor dat ik dan altijd een smoes heb waarom ik uiteindelijk zonder actie doorloop en niet doe wat ik als eerste bedenk. Ik heb altijd haast of moet ergens op tijd zijn. En voor ik het weet, ben ik dan zover dat ik het maar zo laat. En hoeveel mensen met mij doen dat ook, negeren hem en gaan weer verder met de dag? Het is veel makkelijker om door te lopen, want als je de hoek om bent, dan ben je hem waarschijnlijk al vergeten.
Dat gaat nu echt niet op. Ik heb geen haast en hoef nergens heen. Ik kan me alleen bedenken dat ik erg moe en niet fit ben en weer naar huis wil. Maar ik ben er altijd nog veel beter aan toe dan deze man. Dus waarom zou ik niet even drie straten verderop bij de Jumbo iets voor hem halen…
Ik wil de koffie to go en het zakje met de croissants naast je neerleggen. Voor als je wakker wordt. Maar met een ruk kom je omhoog. Schijnbaar besef je opeens dat ik het tegen jou heb. Je zegt niets, maar kijkt me wel aan, recht in mijn ogen. Je bent, denk ik, eind twintig en raakt me diep. Ik weet niet of je mij al kijkend aftast wat ik van plan ben of dat je verward bent of gewoon overdonderd om de aandacht die je opeens krijgt. Zo te zien heb je al lange tijd niet de mogelijkheid om jezelf goed te verzorgen. Ik zie dat je het zakje met de croissants openmaakt terwijl je mij blijft aankijken.
Nu ik je in de ogen kijk, raakt het me natuurlijk nog veel meer dan toen ik in eerste instantie door wilde lopen. Vooral omdat ik me besef hoe ik de afgelopen maanden tijdens de chemoperiode zoveel warme en lieve mensen om mij heen had. Men was er voor mij op het moment toen ik die warmte en het gebaar hard nodig had. En wie heb jij? Waarom word jij hier wakker in de kou?
Ik hoop dat jouw dag met dit gebaar een klein beetje beter zal starten en je voelt dat je het waard bent om gezien te worden.
Reacties
Een reactie posten